Twee uur geleden sneeuwde het buiten, en vijf minuten geleden sneeuwde het opnieuw toen ik mijn toetsenbord ondersteboven uitklopte. Die geruchten over het klavier als meest onhygiënische plaats in het huis… Ze kloppen.
Bah.
Twee uur geleden sneeuwde het buiten, en vijf minuten geleden sneeuwde het opnieuw toen ik mijn toetsenbord ondersteboven uitklopte. Die geruchten over het klavier als meest onhygiënische plaats in het huis… Ze kloppen.
Bah.
Vanavond ga ik eten met mijn vriendinnen en ik heb er zin in. Ik heb zelfs al gekozen wat ik wil eten. Zalm. Ik zou elke dag zalm kunnen eten, in alle soorten en maten, alle vormen en bereidingswijzen. Gebakken, gestoomd, gerookt, doe maar, schep maar op! Ik ben een beetje zalmverslaafd en durf dat gerust toegeven.
Omdat ik mijzelf onlangs (met resultaat, jippie!) terug op dieet heb gezet, moest ik natuurlijk eerst even checken hoeveel WW-punten ik ga spenderen aan mijn feestmaal. Ik keek eerst bij de V van vis, dan bij de Z van Zalm, en deed een vreemde ontdekking. Niet alleen zalm is een vissoort, er bestaat ook nog zoiets als zalmforel. En de ene soort is vetter dan de andere, want je moet er meer punten voor tellen. Maar hoe kan je dan het verschil zien tussen de twee? Na enig opzoekingswerk kwam ik te weten dat ze allebei roze zijn. Daar ben ik dus niets mee.
Het mysterie is zelfs nog groter geworden. Ik las op een site die helemaal gespecialiseerd is in verschillende vissoorten (is er tegenwoordig iets dat je niet kan terugvinden op het wereldwijde web?) dat er drie verschillende varianten van zalm zijn: zalm, zalmforel, en forel. Is forel geen ander, niet zalmachtig, soort vis? Of heb je van elke vissoort een forelversie? Tonijnforel, pladijsforel, pangasiusforel? Is zalmforel dan per definitie zalm, of meer een forel? Is zalm de algemene noemer waar forel en zalmforel onder vallen? Of moet je zalmforel indelen in zalm en forel? En zijn die dan allemaal Atlantisch, of ook af en toe Normandisch? En hoeveel punten is dat dan?
Ik snap er niets meer van. Vanavond ga ik gewoon vragen: “Excuseer, die zalm die op de kaart staat, is dat zalm, zalmforel of forel?” Wedden dat zij het ook niet weten?
Heel hard hopen wordt mijn nieuwe hobby. Ik heb op televisie (ok, ik geef het toe, het was tijdens Oprah) een reportage gezien over The Secret. Blijkbaar is dat geheim al lang niet meer zo geheim in Amerika, en groeide het vorig jaar uit tot een regelrechte rage. De hype er rond gaat mij wat te ver, maar het basisidee vind ik wel interessant. Je zou je toekomst kunnen sturen met je gedachten, door het gebruiken van de ‘wet van de aantrekking’. Om het veel te simpel te zeggen: als jij heel hard denkt aan een mooie frigo, zal je die mooie frigo ook ooit bezitten. Aanhangers van The Secret, gelieve mij niet te veroordelen, ik heb hier maar een beperkte schrijfruimte en moet mij dus beperken tot een vereenvoudigde versie!
Ik weet niet wat ik juist van het idee moet denken, maar ik heb de neiging om alleen de dingen die ik zelf leuk vind te onthouden. En toen Oprah mij zei dat ik als de bliksem naar de hobbywinkel moest om materiaal te kopen voor een wensbord, begon mijn knutselhart wat sneller te kloppen. Een wensbord is een soort collage van allerlei dingen die je graag wil hebben of bereiken in je leven. Je moet er dan elke dag een aantal minuten naar staren, en heel hard hopen. Dat noemen ze dan visualiseren.
Ik kan niet knutselen, maar ik doe graag alsof ik het wel kan. Dus ieder jaar krijg ik plots de onweerstaanbare drang om iets in elkaar te steken, vijzen of plakken. En als ik met dat knutselwerkje dan nog een perfecte toekomst voor mezelf kan fixen, waarom zou ik dan niet luisteren naar wat Oprah mij gebiedt? En omdat ik mij ook eens wat meer wou verdiepen in de wondere wereld van het scrapbooken, heb ik besloten om de twee samen te voegen. Ik ga een wensscrapbook maken.
Ik moet nog materiaal kopen en foto’s afprinten, dus ik kan nog niet meteen beginnen. In afwachting van het hoogtepunt van mijn knutselcarrière, blijf ik gewoon doen wat ik nu al deed. Ik bestook mijn vriend namelijk al een tijdje met foto’s van oude mensen. Elke week mail ik hem minstens twee foto’s door van een bejaard koppel dat er heel gelukkig uitziet. Dan knijp ik mijn ogen toe en denk ik heel hard aan hem, en stel ik mij visueel voor dat wij er later ook nog zo blij uitzien samen. Onderstaande foto is onze persoonlijke favoriet. Zo veel blijdschap, zo vrolijk, zelfs op het randje van hysterisch. En dat allemaal om een bos bloemen. Daar word ik zelf ook een beetje gelukkig van.
(De journalistieke regels van de bronvermelding.. Ik vond de foto hier!)
Ik heb net ontdekt dat de uitdrukking “scheel van de honger” wel heel letterlijk op mij van toepassing is. Ik heb al heel de week braaf punten geteld, maar vanavond is het vrijdagavond en dan loert het schrokken-als-een-uitgehongerde-buffel-gevaar om de hoek. Dus probeer ik mij al heel de dag in te houden, voorbereid op de laatavondsnack. Mijn buik maakt gekke geluiden, ik neem iets onvriendelijker dan gewoonlijk de telefoon op en mijn post-its lijken plots verdacht sterk op sneetjes heerlijke jonge kaas.
Het is middagpauze, dus dan moet ik van mezelf verplicht even iets anders doen dan werken. Ik moet een activiteit zoeken die mij niet doet denken aan spaghetti carbonara of een dikke banana split. Mails zijn al gecheckt, alle nieuwssites al bezocht, zelfs mijn winkellijstje voor morgen is al klaar. Na wat doelloos rondsurfen kom ik terecht op de zoekertjespagina van ons intern netwerk. Daar kan je al wel eens een goeie deal sluiten, vorige week heb ik zo mijn nieuw fototoestel op de kop kunnen tikken. (Dankjewel collega die ik daarvoor nog niet kende!) Ik kijk even rond maar begin na een minuutje te denken dat ik op een verkeerde site beland ben. Is dat een nieuwe club, de voetbaltrutjes? En wat voor ziek persoon is die beha-stoner? Zou die rijden met de Fiat Porno die collega X aanprijst?
Ik besluit om toch iets te eten, want ik mag mijn dieet niet drijven tot op het punt van hallucinatie. Spijtig genoeg heb ik een paar uur geleden mijn boterham afgestaan aan mijn collega die nog meer honger had dan ik, als dat al menselijk mogelijk is. Misschien zet ik ook wel een zoekertje. “Feed me! Wegens gevaar voor welzijn en gemoedstoestand van nabije collega’s, ben ik op zoek naar iets om te eten.” Gezond, ongezond, maakt mij niet meer uit op dit punt. En ik wil gerust ruilen tegen een aantal voetbaltruitjes, een Fiat Panda, of zelfs een behangafstomer. Al twijfel ik tijdens het typen van dat laatste woord nog meer aan het bestaan ervan.
Ik: “Oei, mijn zalm is van mijn toast gevallen.”
Hij: “Hij wil terug naar de zee.”
Lachen, gieren, brullen ten huizen Vos en vriendje.